Flashback. Twee april. Redeloze woede raast in mij. Als het leven een film was, zou ik superkrachten krijgen en alles in puin slaan, in vuur en vlam zetten. Emoties, gevoel dat ik juist gisteren terug heb gevonden kan nu geen kant op. Woede, alles moet kapot!
Het is grote onzin. Ik weet het. Maar stop het nu eens niet weg. Voel het, net als vroeger, doorleef het, weet dat het onzin is maar laat de energie stromen. Duistere energie, vernietigende energie, maar hoe dan ook energie. Laat stromen, zie hoe het stroomt, voel hoe het stroomt.
Neem de tijd om deze storm te laten uitwoeden, alles te laten vernietigen. Pas als de grond is zwartgeblakerd, kijk dan of er nieuw leven ontstaat…
Ondertussen staren mij van alle kanten ogen aan. De wereld is interpretatie, en wat is de interpretatie van al die ogen? De kleine bonte specht werkt aan een nieuw hol, kijkt even op en besluit dat ik ongevaarlijk ben. Hij hakt door.
De zwarte specht heeft geen boodschap aan mij. Hij zit op de eieren en vraagt zich alleen maar af wanneer zijn partner komt om hem af te lossen.
De grote bonte specht…
Ai…! Ik hoor een plof naast me, een vage kreet en zie een schim opvliegen. De grote bonte specht zat naast me op de grond, en heeft vermoedelijk al zijn aandacht bij mij gehad toen ik langsliep. Een fatale fout. Had hij geweten dat ik geen bedreiging voor hem was, dan had hij misschien het échte gevaar gezien dat van achter op hem neerdaalde. Deze interpretatie heeft hem zijn leven gekost. Op een tak doodt de sperwer het tegenstribbelende dier en vliegt er daarna mee weg.
Het ree dan! Een prachtige spitser, in de kracht van zijn leven. Op de heenweg loopt hij argeloos langs zonder mij te zien. Ruim een uur later hoor ik achter me iets ritselen. De zon is juist onder, en als ik me omdraai ziet hij me deze keer wel. Hij staat stil, zich afvragend hoe hij mij moet interpreteren. Dan besluit hij dat hij zijn hindes moet waarschuwen, die met de kinderen in het bos lopen. Luid blaffend snelt hij weg.
Als laatste komt de das. Ook een zwerver – van al deze dieren voel ik me het meest verwant met de das. Hij ziet niet zoveel, maar interpreteert zijn wereld door te ruiken. Het is een kalme avond voor hem. Hij gaat even naar de toilet en begint dan rustig aan zijn nachtelijke tocht.
Waar ik ook kijk, overal is zó veel te zien! Wat een onvoorstelbare rijkdom. Zo veel moois, zo veel wonderen! ‘Ontroering is jouw emotie,’ zei een vriendin. Ze heeft gelijk, ik ben een en al ontroering en dankbaar dat ik zo mag genieten van mijn interpretatie van de wereld.
Hij is uit! De serie boeken met de mooiste fotolocaties van PixFactory. Veel fotografen hebben meegewerkt aan deze serie, en het resultaat is geweldig. Ik heb twee gebieden onder mijn hoede genomen (mijn oude liefde Schothorst en mijn nieuwe liefde Einde Gooi) en samen met Hans Brongers de Stulp, plus nog een enkele foto hier en daar. Heerlijk om buiten te zijn, te genieten van zoveel moois en dat dan te kunnen delen met iedereen. En komend jaar dan maar al die andere gebieden bezoeken 😊
“Er gebeuren geen goede of slechte dingen. Elke dag dienen zich dingen aan; goed of slecht is slechts een interpretatie. De hele wereld is interpretatie. Van jou en van mij. Jij bent de enige die een interpretatie kan geven aan jouw wereld. Als je kunt leven in vertrouwen met wat er is en heel je wil uitgumt, dan kun je in de wereld planten wat je wilt. Dan ben je één met de wereld, met het universum en met de kracht die daar achter zit”
“Hoe gaat het?” vroeg een vriendin. “Goed,” zei ik, en was vervolgens vier uur lang aan het vertellen. Over de reis. Vertellen over reizen is leuk.
Vanochtend kwam de zon op door de bomen. Oranje hemel, mistige achtergrond. Ik zag de wirwar van takken en dacht: Dat lijken mijn verhalen wel! Jazeker, er zit structuur in. Maar de verhaallijntjes krioelen door elkaar. Lijntjes komen samen, en vormen een boom. Samen vormen de bomen een bos. Als je er licht op laat schijnen, zie je hoe complex alles in elkaar zit. En hoe mooi.
Bomen die het zicht belemmeren. Of toch niet? Opeens een verrassend doorkijkje.
Laat het licht schijnen. Fiets naar het onbekende. In het vertrouwen dat het fietspad wel zal doorgaan, en dat de mist niet opeens het einde van de wereld blijkt te zijn.
“Ik vind hem eng,” zei ze. “En zeker niet geschikt Valentijn. Ik zie het al voor me: Laat uw hart uitrukken door de Portrettenmaker!”
Ik schoot in de lach. Natuurlijk had ze gelijk. Het was een te haastige poging geweest om nog even snel iets in elkaar te flansen. Toch raakte het me, want hoe slecht het resultaat ook is, ik houd niet van afwijzingen.
“Omarm je pijn,” zegt mijn spirituele leraar altijd. “Pijn is een kans om spiritueel te groeien.”
Ja ja, ik weet het. Geniet van je ellende. Houd van je verdriet. Prijs jezelf gelukkig als je relatie in de soep loopt. En knuffel je tekortkomingen en je fouten, want ze horen bij jou en ze mogen er zijn.
Nou vooruit, knarsetandend. Ik weet dat hij gelijk heeft. Want niets doet meer pijn, dan het niet willen ervaren van pijn. Voilà één van mijn mooiste mislukkingen. Kom maar op met uw kritiek. Ik smoor het in liefde
Zonlicht prikt in mijn ogen. Ik doezel, heb nog geen zin om alweer te ontwaken. Ochtendnevel hangt boven de velden als een deken die de mensenwereld verborgen houdt. Vooruit, er wachten ontdekkingen!
Twijfel kruipt als kleine spinnetjes omhoog. Is die zwerftocht nou wel helemaal zo’n goed idee? In een fractie van een seconde heeft mijn brein alle redenen klaar waarom het beslist géén goed idee is. Het is een vlucht. Het is obsessief gedrag. Het is gevaarlijk. Het is een fantasie. Het is nutteloze tijdverspilling. Het is pathetisch. Het is absurd. Het is onzin. Het is… het is… het is…
Ik ben het eens met mijn brein. Maar zodra ik de twee bomen zie, weet mijn hart dat ik goed zit. Ze raken me, die dennen. Diep.
Mooie plek voor een kleine rustpauze. Tijd om mijn vermoeide hoofd te rusten te leggen. Deze eerste dagen hebben me uitgeput.
Lichtelijk verbijsterd staarde de docent naar mijn foto. Het was de laatste sessie, en iedereen had zijn Meesterwerk meegenomen: een kopie van – of een foto in de geest van – een andere vakfotograaf.
‘Maar…’ aarzelde hij, onzeker wat hij ermee moest. ‘Deze is onscherp!’
Ik schoot in de lach. ‘Dat is de bedoeling. Hij was eerst haarscherp, en ik heb flink wat moeite moeten doen om hem in de nabewerking zo vaag te krijgen. Kijk maar.’ Ik toonde het andere werk aan de groep. Een volledig vaag portret van een onbekende fotografe, niet meer dan wat lichte vlekken tegen een zwarte achtergrond. Mijn foto was een vrijwel identieke kopie, maar mooier en in kleur.