Blog

42. Signalen

“Gevoel is voor mij alles. Mijn intuïtie heeft me vaak de juiste signalen gegeven. Mijn eerste kind kreeg ik op mijn twintigste, toen ik nog op school zat. Ik moest een tijdje stoppen maar heb later alles afgerond, eerst MBO en daarna HBO. Toen kwam ik de man tegen met wie ik later mijn tweede kreeg.

De zwangerschap voelde niet goed. Ik heb zelf aangedrongen op onderzoek in het ziekenhuis, en werd meteen opgenomen. HELPP: lever- en nierfalen. Een keizersnede was onvermijdelijk.

Eenmaal thuis hadden de medicijnen enorme bijwerkingen. Ik kwam aan en woog op gegeven moment 90 kilo. Ondertussen was ik alleen maar aan het zorgen voor anderen. Een burn-out volgde.

Toen heb ik de knop omgezet en ben ik beter voor mezelf gaan zorgen. Sporten, gezonder eten. Twee jaar duurde het herstel. En hoe! Ik viel 30 kilo af, kreeg weer energie en dat werkte overal in door. Je krijgt een andere houding, dingen veranderen.

Momenteel werk ik in de pedagogie. Dat is hard werken, maar heel bevredigend omdat het  – dankzij die inzet – goed gaat. Hoe mijn leven zich verder ontwikkelt, weet ik niet. Ik heb geen vastomlijnd plan. Maar ik blijf goed naar mijn gevoel luisteren. En zal ondertussen gebruik maken van wat zich aandient.”

41. Richting

“Het is leuk om mijn harde kant op de foto’s naar buiten te laten komen. Ik heb namelijk een heel zacht karakter. Ik ben catwalkcoach voor modellen en organiseer ook mijn eigen modellen wedstrijden. Ook treed ik op als gastheer. Leuk werk waarbij ik over de hele wereld reis. Binnenkort mag ik weer naar Colombia voor een modellenwedstrijd.

Ik help modellen op allerlei manieren om hun weg te vinden, met evenementen, advies en producten. De juiste mindset is daarbij belangrijk. Mijn motto is: What you do, the way you think, makes you beautiful.

Ik zie veel mensen die zijn gericht op succes of roem. Dat vind ik niet zo’n goede motivatie om richting te geven aan wat je doet. Het belangrijkste is om te doen wat je leuk vindt. Daarna is het vooral een kwestie van vooral doorgaan en volhouden. Je hebt ook een beetje geluk nodig. Toeval bepaalt wat er op je pad komt, en als jij er klaar voor bent kun jij de kansen pakken als ze langs komen.

Model: Lyron Martina

40. Zelfbeeld

Twee kleine stukjes in Psychologie Magazine. Het ene stukje zei: Twee weken lang jezelf zijn op social media verbetert je stemming en welzijn. Dat riep meteen de vraag op: Wanneer ben ik dan mijzelf? Kan ik ooit niet mezelf zijn? In het tweede artikeltje las ik dat er zoiets bestond als ‘narratieve psychologie’, een stroming in de psychologie die ervan uitgaat dat het verhaal dat we onszelf vertellen voor een belangrijk deel bepaalt hoe we ons leven ervaren. Zie je wel! Jezelf zijn is dus afhankelijk van het verhaal dat je over jezelf vertelt.

Mijn wereld hangt aan elkaar van verhalen. Verhalen die ik mezelf vertel, verhalen die ik een ander vertel en verhalen die ik hoor van anderen. De achterkant van de maan ken ik bijvoorbeeld alleen maar uit verhalen, niet uit eigen ervaring. De boommarter heb ik niet gezien, maar de sporen in het bos vertellen me dat ze in de holle boom haar jongen heeft grootgebracht.

Eén van mijn favoriete verhalen: dat ik een eenzame buitenzwerver ben. In mei hoorde ik twee haviken paren – ik had het nog nooit gehoord maar wist meteen dat het een paring moest zijn. Twee schimmen vlogen weg door de bomen. Ik ben de volgende dag gaan zoeken en vond hun nest, toen nog leeg. Sindsdien loop ik in de lunchpauze geregeld langs het nest. De ouders zijn schuw, laten zich wel horen maar vrijwel nooit zien. Er zijn eieren gekomen en de jongen hebben inmiddels de leeftijd bereikt dat ze nieuwsgierig de wereld in kijken. Volgende week zullen ze hun eerste stappen buiten het nest doen.

Ik weet het, nestfotografie is ‘not done’. Maar ja, ik kom er bijna elke dag langs op mijn lunchwandeling. Het enige wat ik hoef te doen is de camera even oprichten. Moeder is altijd in de buurt, ik hoor haar vaak en één maal is ze even komen kijken, laag over mij heen scherend.

Nestfotografie geeft verstoring. Maar wat dan met dat nest van die houtduiven? Die suffe dieren zoeken de verstoring zelf op, hebben het in hun kleine koppie gehaald om pal achter mijn keukendeur te gaan nestelen. Als ik de deur stevig open doe, krijgt moeder in haar nest een optater. Ik heb me maar aangeleerd om héél voorzichtig en rustig pratend de keukendeur op een kier te zetten en naar buiten te glippen. Het verhaal dat ik mijzelf daar vertel is dat de dieren mij wel aardig vinden, anders zouden ze zo’n plek toch niet uitzoeken. Op de foto lijkt ze argwanend in de lens te kijken, maar ze zat zich rustig te poetsen, schikte nog een takje, en ging even verzitten. Ik denk zomaar dat haar eieren in deze hitte zijn uitgekomen, want er lag een donsveertje met wat bloed op de grond.

Ik ben liever buiten dan binnen, geloof ik. Even kijken hoe het met alle planten en dieren gaat. Vorig jaar fotografeerde ik overdag, om een uur of 12 ’s middags, een jonge das. Het dier was totaal niet bang, eerder verbaasd om mij op vier meter afstand te zien, en scharrelde rustig door. Thuis zag ik pas dat hij zijn rechteroog miste. Arm dier, ik gaf hem weinig kans op overleving. Maar vorige week zag ik dezelfde das weer, zonder rechteroog, groter en sterker dan vorig jaar. Deze keer koos hij toch maar het zekere voor het onzekere, en verdween in de struiken. Ook dat is een verhaal dat ik mijzelf vertel, dat ik een band heb met de dieren die hier wonen.

Onzin natuurlijk. Het zijn en blijven mijn gedachten, van het type verhalen om de wereld betekenis te geven, om mijzelf betekenis te geven. Je ware ik, zegt mijn spiritueel leraar, is de waarnemer van al die gedachten, zintuiglijke prikkels en emoties. Twee weken ‘jezelf’ zijn op social media kan in die optiek helemaal niet. Het enige wat kan, is dat je jezelf gedraagt in overeenstemming met één van de verhalen die je over jezelf vertelt. Bijvoorbeeld het verhaal van een buitenzwerver.

39. Volgens plan

“Nu ik een zoontje heb is het even afgelopen met feesten en alleen aan mezelf denken. Ik heb de hele wereld over gezworven. Al tijdens mijn studie, naar Peru, en tijdens mijn werk in Londen, Engeland, toen ik maanden op veldwerk in Tanzania werd gezonden. Tijdens mijn carrière switch naar het onderwijs maakte ik gebruik van de lange zomers om door Centraal en Latijns-Amerika, Vietnam en Nieuw Zeeland te reizen.  En nu zit ik ‘s avonds thuis, en dat vind ik prima. Ik heb mijn tijd van pub bezoekjes door de week, uitgaan in het weekend, en lange verre reizen voor nu gehad. Nu is het tijd voor mijn zoon, gekregen via een donor.

Het gekke is dat ik eigenlijk alleenstaand moeder zou worden. Ik verwachtte altijd een gezin te stichten. Een soort vanzelfsprekendheid die ik had aangenomen, want dat gebeurde in mijn directe omgeving. Maar het leven loopt niet altijd volgens plan, en dus besloot ik om het alleen te doen, voordat het ‘te laat’ was. Het kostte veel moeite om het allemaal goed voor elkaar te krijgen en uiteindelijk te laten slagen. En toen kwam opeens mijn vriend in mijn leven, al tijdens mijn traject. Hij had ook kinderen, maar steunde mij in mijn keuzes en uitdagende traject. Als we nu in de weekenden samen zijn, dan is het huis vol, een dreumes, twee pubers en twee volwassenen. Luidruchtig, druk, vermoeiend, maar oh zo gezellig. 

Komend jaar gaan we samen wonen. Er wordt al druk gebouwd aan een extra kamer in het huis. En ik ben blij, want het voelt alsof het zo moest zijn.”

38. De wil van de klaproos

Ik vond een nest van een boommarter. Lang verhaal, geen boommarter gezien want die was al verhuisd. Voor de zekerheid heb ik daar toch maar twee avonden urenlang op de bosgrond gelegen. Geen straf, want het was prachtig weer, het geurde naar de zomer en er kwamen bosmuisjes voorbij, en raven en vele, vele andere bosdieren. Ik lag te genieten, maakte nog een foto van het prachtige schaduwenspel van de bladeren op de stam in de ondergaande zon… maar geen boommarter.

Een foto van een boom met latrine, met een nest waarvan je weet dat een moertjes haar jongen geeft gezoogd. Ik genoot, ik had de hele dag al volop foto’s gemaakt, ik wist eigenlijk wel dat ze al was verhuisd en ik had al foto’s van boommarters uit voorgaande jaren. Zou het nou nog veel uitmaken als opeens de boommarter toch wel zou verschijnen?

Ja. Het zou enorm verschil maken. Mijn ego zou een boost van jewelste krijgen, ik zou juichend naar huis gaan en tevreden in bed kruipen. Toch weer die hoopvolle verwachting, die wil om iets voor elkaar te krijgen.

Thuis pakte ik Nietzsche maar weer eens uit de kast. De Wil tot Macht, de Wil tot Realisatie. Ooit vond ik dan een veelbetekenend inzicht: de Wil als drijvende kracht van alles in de natuur! Nietzsche was een kind van zijn tijd, en vond zijn gelijk in het toen nog jonge Darwinisme en andere wat obscuurdere ideeën over strijd en overleving.  

Wat is de wil van een klaproos? Om te groeien, om te bloeien, om zijn kelkbladen uit te slaan en zich te realiseren ten koste van alle andere planten om hem heen, zou Nietzsche waarschijnlijk zeggen. Maar waarom zou de bloem het eindpunt zijn? Zou het niet de wil van de klaproos zijn om alle levenskracht terug te trekken in kleine zaadjes en die te verspreiden voor een lekkere winterslaap? Of om samen met het gras te wuiven in de wind en te vieren dat eindelijk de zon weer volop schijnt?

De Wil leidt onvermijdelijk tot spanning, strijd, triomf en uiteindelijk teleurstelling. Hoe anders is de blik van een Boeddhist, die simpelweg zou zeggen dat je de klaproos kunt waarnemen – of niet. Alleen maar waarnemen wat er is, zonder iets aan je waarnemingen te veranderen. Net als de boommarter. Zij zit in de boom, of zij zit er niet. Of zij zit er zowel wel als niet, totdat ik haar waarneem of het lege nest. Eigenlijk dus Schrödingers boommarter.

37. De wereld

Mijn moeder komt uit Rusland.  Dat roept rare reacties op. “Ben je hier gekomen om een beter leven te leiden?” en zo. Omgekeerd hebben ze in Rusland soms het idee dat wij hier in Nederland allemaal aan de drugs zijn en gay. Ik probeer die beelden aan beide kanten voorzichtig bij te sturen. Voor mij is de hele wereld mijn speelterrein. Na de tsunami ben ik voor werk naar Sri Lanka geweest. Wat ik daar heb gezien is met geen pen te beschrijven. Zo veel leed, zo veel ellende. Er was niets meer.

Hier in Tilburg komt de hele wereld samen. Er broeit iets van creativiteit, iets wat je een tijd geleden in Rotterdam had. Een geweldige plek voor fotoshoots van internationale merken, omdat de stad een mengeling van bouwstijlen heeft en iets ongrijpbaars. Dit gebouw lijkt op Miami, maar het zou ook in Engeland kunnen staan of aan de Spaanse Costa. Die anonimiteit is aantrekkelijk voor een wereldmerk. Je kunt niet altijd New York of Parijs hebben, dat wordt afgezaagd.

Model: Denis Makarov

36. Onvolmaakt

Ik dacht altijd dat ik de enige was. In tekeningen en schilderijen maakte ik altijd opzettelijk een storende fout, zodat iedereen naar die fout zou kijken. “Het is een prachtig schilderij, alleen dat ene ding daar. Wat jammer nou, het is bijna perfect!” Voor mij schuilde de perfectie juist in die fout. Overigens vernam ik dat een gerenommeerd Japans schilder – ik ben zijn naam vergeten, als ik hem weer tegen kom zal ik het hier melden  – precies hetzelfde deed. In elk kunstwerk één opzettelijke fout, om daarmee de hoogst mogelijke staat van perfectie te bereiken.

Onlangs nodigde iemand mij uit om tijdens een meditatie te proberen de volmaakte staat van ‘Zijn’ te benaderen. Het zou een gelukzalige staat moeten zijn, niet verstoord door gedachten of emoties. Geen wil om iets te bereiken of veranderen, alleen maar Zijn. Ik stelde me een soort zwart gat voor dat alles opzuigt zodat er niets meer overblijft. Helemaal niet fijn. Gelukkig heb ik die volmaakte staat nog lang niet bereikt, want tijdens de ‘volmaakte stilte’ hoorde ik het bloed ruisen door de bloedvaten in mijn oren, de rode bloedlichaampjes klotsend en botsend tegen elkaar en tegen de celwanden. Zoals ik al zei: mijn gedachten springen alle kanten op.

Perfectie is saai. Het is af. Je hoeft er niets meer mee en je kunt er ook niets meer mee. Een wit papier zonder enige smet, een ronde cirkel zonder ribbeling, wat heb je er aan? Juist de imperfectie trekt mij aan. De hap uit de zon vanmiddag tijdens de zonsverduistering. De klaprozen die alle regels van de kunst schenden. Zo wil ik het hebben.

Wie kan rusten in onvolmaaktheid, weet wat perfectie is.

35. Stappen

“Je bent jong en zorgeloos, hoe ouder je wordt hoe lastiger het soms is. De een gaat het voor de wind terwijl er ook mensen zijn die veel tegenslagen moeten zien te verwerken.

Maar je moet nooit opgeven, ergens schijnt voor iedereen de zon. Bloemen hebben zonlicht nodig maar soms ook regen want dat staan ze er op hun mooist bij. Dit probeer ik ook vast te houden.

Ik weet dat ik stappen kan en ga zetten ook al zullen het kleine stapjes zijn en soms weer een stapje terug. Ik zal vooruit gaan hoe dan ook.”

34. Verwachting

Nee, het wordt geen ontmoeting. “Ik heb moeite met verwachtingen die mannen vaak van me hebben,” schrijft ze. “Ik voel me zelden tot iemand aangetrokken. Enthousiasme voel ik als ballast. Ik ben zeer gevoelig.”

Zelden aangetrokken. Ik ben verbaasd. Heeft ze het over mij? Ben ik enthousiast, heb ik verwachtingen? In dat laatste moet ik haar onmiddellijk gelijk geven. Ja, natuurlijk heb ik verwachtingen. Als ik ’s ochtend uit bed spring dan verwacht ik dat er naast het bed een vloer is die mij opvangt, en dat ik niet in een peilloze diepte stort. Ik denk er nooit zo over na, maar verwachtingen zijn de lijm van mijn wereld. Ik zal mijn macro lens maar meenemen, want misschien staat er wel ereprijs in de berm.

Een verwachting is een idee, een verhaal over de toekomst. Een verzinsel dus dat waarheid kan worden of niet. De verwachting zelf zal niet haar probleem zijn. Wel het gevoel bij die verwachting. Ik hoop maar dat er ereprijs staat! Hoopvolle verwachting leidt tot spanning, en spanning leidt tot vreugde of teleurstelling. Deze zwerftocht ben ik zonder doel begonnen, met alleen een vaag idee over de richting die ik zou gaan. En nu begint iemand over mijn verwachtingen, om vervolgens een barrière over mijn pad te gooien.

De ereprijs staat in de berm, en ik ben blij. De ontmoeting komt er niet, en ik realiseer me dat ik een schurend gevoel van afwijzing voel. “Ik denk dat verwachtingen zelden worden losgelaten,” schrijft ze, nog voordat ik heb kunnen nadenken over aantrekken, verwachten, ontmoeten en ereprijs. Morgen toch maar even uitkijken voordat ik weer uit bed spring.

33. Krioelen

In het bos zag ik een mierennest bomvol rode bosmieren. ‘Verrek zeg…’ dacht ik. ‘Dat lijken mijn gedachten wel!’ Het ‘voorjaarszonnen’ bij de bosmieren is een fenomeen dat je alleen op de eerste zonnige lentedagen kunt waarnemen. Het lijkt wel alsof alle mieren tegelijk naar buiten komen om samen feest te vieren. Waarschijnlijk nemen ze in hun lichaam warmte op, en brengen ze die vervolgens onder de grond het nest in.

Bij dzogchen meditatie is het de bedoeling dat je naar je gedachten kijkt. Hoe een gedachte opkomt, even bestaan en weer verdwijnt als er nieuwe gedachten opkomen. ‘Gedachten stilzetten kan niet,’ zegt mijn leraar altijd. ‘Dus vergeet die wellness meditatie waarbij wordt gezegd dat je nergens aan moet denken om tot rust te komen. Dat is volstrekt onmogelijk. Kijk hoe je gedachten voorbij komen, alsof je langs een rivier gaat zitten kijken naar de stroming.’

Ik heb altijd wat moeite met die metafoor. Mijn gedachten geven meestal de associatie met die keer dat er een brandende lucifer achteloos werd weggegooid in een doos vol vuurwerk. Alles knalt en sist en vliegt gillend de doos uit.

Maar nu heb ik een nieuwe metafoor, voor als het wat rustiger is van binnen. Dit nest bosmieren, een krioelende hoop beweging waarvan de precieze functie nog steeds niet helemaal duidelijk is. Machtig mooi toch, die natuur.